In de Impatiens-staat ben je een wandelende snelkookpan. Je hebt een hekel aan wachten, aan mensen die langdradig hun verhaal doen en aan collega’s die drie keer hetzelfde vragen. Je neemt het werk vaak maar uit hun handen, niet omdat je zo behulpzaam bent, maar omdat het je simpelweg te lang duurt. "Laat maar, ik doe het zelf wel even," is je lijfspreuk.
Dit constante gejaag zorgt voor een enorme innerlijke spanning. Je bent mentaal al drie stappen verder dan de realiteit, waardoor je de neiging hebt om mensen te onderbreken of zinnen voor hen af te maken. Je bent de persoon die op de knop van de lift blijft drukken, alsof hij daar sneller van gaat. Die gejaagdheid vreet energie en maakt je een eenzame strijder, want niemand kan (of wil) jouw moordende tempo bijbenen.
- Je jezelf betrapt op zuchten en met je ogen rollen als iemand voor je bij de kassa te traag betaalt
- Je het liefst alles alleen doet, omdat anderen je alleen maar ophouden.
- Je zinnen van anderen afmaakt omdat je al weet wat ze gaan zeggen.
- Je last hebt van plotselinge vlagen van irritatie of een kort lontje door tijdgebrek.
- Je fysiek onrustig bent: tikkende vingers, wiebelende benen of constant op je horloge kijken.
- Je je opgejaagd voelt, ook als er eigenlijk geen stress factor is.
Impatiens brengt de broodnodige vertraging in je systeem. Het zorgt ervoor dat je weer kunt landen in het hier en nu. Je leert dat kwaliteit en verbinding vaak tijd nodig hebben en dat "snel" niet altijd "beter" is.
Deze transformatie geeft je een soort ontspannen slagvaardigheid. Je behoudt je snelheid en intelligentie, maar je koppelt die aan geduld en diplomatie. Je wordt de persoon die anderen de ruimte geeft om hun eigen tempo te vinden, wat je relaties (en je eigen bloeddruk) direct ten goede komt. Je ontdekt de rust van het moment, in plaats van de stress van de volgende minuut.